nldede

De invloed van het onderwijs

Uit: Van Stotteren & Spreekangst Naar Natuurlijk Spreken Volgens Oscar Hausdörfer
Door: Jan Heuvel

De invloed van andere kinderen en het respect voor de leerkracht kunnen zorgen voor een toenemende angst en spanning bij het spreken (bijv. beurtangst), waardoor het kind steeds meer kwetsbaar wordt op het gebied van spraak. Als het kind leert lezen en schrijven, komt de irrationele opvatting van spraak, dat woorden en letters kunnen worden gesproken, versterkt tot uiting. Wij vinden het heel normaal dat we woorden en letters spreken, maar deze kunnen we niet spreken omdat het schrifttekens zijn. Deze komen niet voor in de spraak. Een kind van 3 jaar oud kan immers al goed praten = ‘gevormde stemklanken produceren’ zonder dat het ook maar één letter kent. Wij kunnen alleen maar stemklanken produceren waarmee wij een bepaalde reeks van schrifttekens omzetten in spraakgeluid.

In een algemeen aanvaarde leesmethode wordt steeds gesproken over “breken”en “bouwen”. Dat wil zeggen dat je een woordbeeld aanbiedt, bijvoorbeeld “bank”. Het kind leert dan het geschreven woord ‘bank’, dat het kent als één klank, in stukjes te breken om deze vervolgens – los van elkaar – hoorbaar te maken: ’b-a-n-k’. Daarna moet het kind er weer één klank van maken: ‘bank’. Wij leren dus het kind dat de spraak in principe hetzelfde is opgebouwd als het schrift, namelijk uit klankfragmenten die aan elkaar worden geregen alsof het letters zijn. De spraakklank ‘bank’ is onze taal echter slechts één spraakklank die in een bepaalde vorm gegoten ten gehore wordt gebracht en nooit een aaneenschakeling van meerdere spraakklanken.
We leren het kind dus iets anders dan het van nature gewend is met taal om te gaan door onze eigen irrationele opvattingen van spraak op het kind over te brengen. Daarmee leren wij het kind onnatuurlijk spreken. Voor de meeste kinderen heeft dit geen nadelige gevolgen, maar voor een kind dat stottert zijn de gevolgen desastreus. Het effect hiervan op stotterend kind beschreef de moeder van een zevenjarig jongetje als volgt:

Op dit moment word ik moedeloos van zijn nieuwste stottertruc om vooral maar niet te laten blijken dat hij stottert. In groep drie leren ze om hardop de letters aan elkaar te plakken en om te vormen naar een woord. Bijvoorbeeld k..oe…k. Dit doet hij nu sinds enkele weken bij zoveel mogelijk woorden. Eerst had ik het niet in de gaten maar nu is dit ondanks mijn uitleg naar hem een ingesleten gewoonte, die hem zelf parten speelt, want hij doet dit snel en is moeilijk te verstaan.

Des te meer een kind dat stottert zichzelf oplegt om in de klas goed te spreken, des te meer spreekspanning zal het opbouwen en des te moeilijker gaat het spreken. Dan gaat de irrationele opvatting van spraak steeds meer een rol spelen. In zijn onmacht gaat het kind namelijk schrifttekens visualiseren, ze als het ware op het netvlies projecteren om vervolgens te proberen de visueel waarneembare en aan elkaar geregen letters te uiten. Dit gaat uiteraard ten koste van de aandacht voor het produceren en vormen van spraakgeluid, het enige dat natuurlijk is bij het spreken. Als het spreken dan niet lukt, ontwikkelt het kind een angst voor bepaalde woorden die het heeft gevisualiseerd en het er mee vechten. Meestal is dat met de beginletter. Zo ontstaat de opvatting dat het woorden met bepaalde beginletters niet kan zeggen. In werkelijkheid is hier een stuurfout ontstaan die met de hedendaagse technieken zelfs kan worden gemeten als ‘afwijkende hersenactiviteiten’. Deze afwijkingen worden echter als een motorische storing geïnterpreteerd, een timingsprobleem waardoor een gevolg van stotteren als oorzaak wordt beschouwd.
Het visualiseren van woorden en letters is niet de oorzaak van (primair) stotteren, maar het levert wel een aanzienlijke bijdrage in de ontwikkeling van het primaire stotteren tot een chronische vorm zodra een stotterend kind leert lezen en schrijven.

Een moeder schreef:
Ze vertelde mij dat ze exact wist op welke dag het begonnen was, namelijk als volgt: “ik was ziek geweest en ik moest spugen en toen kreeg ik mijn eerste spellingboekje en toen nog 13 nachtjes slapen en toen werd ik wakker en wilde ik iets tegen mijn knuffel zeggen en ik kon niet meer praten”

Het leren lezen en schrijven op school, maar ook het vroeg ingrijpen door een stottertherapeut of logopedist als een kind laat begint te praten, slist of broddelt, kan stotteren tot gevolg hebben.

 

Inschrijven

Wil je gratis 24 tips voor natuurlijk spreken ontvangen?

 

Lees hier de ervaringen van een willekeurige cursist:

Ik ben aan de therapie begonnen met de houding baat het niet dan schaadt het niet.